Hij was nieuw hier, jong
geen bedreiging, hij mocht
wel een handje helpen
Om te overleven moest hij
zichzelf waard zijn en in dit land
de mensen leren kennen
Er was geen pad voor hem uitgestippeld
Niemand verwachtte iets van hem
Al gauw begon hij een eigen zaak
Hij werd rijk van de domheid
en het eigenbelang van de regenten
Hij kocht overtollige oogsten op
en bouwde dure schuren
om het voedsel te beschermen
tegen regen en ongedierte
Onmisbaar was hij, een autoriteit
die de dynastie versterkte
Zijn dochter werd Koningin
Zywa
The insight of an outsider
He was new here, young
no threat, he was allowed
to lend a hand
To survive, he had to be worth
himself and get to know
the people in this country
There was no path mapped out for him
Nobody expected something from him
Soon he started his own business
He became rich because of the stupidity
and the self-interest of the regents
He bought up surplus harvests
and built expensive barns
to safeguard the food
against rain and vermin
He was indispensable, an authority
strengthening the dynasty
His daughter became Queen
Zywa
Die Einsicht eines Außenseiters
Er war neu hier, jung
keine Bedrohung, er durfte
ja ein wenig nachhelfen
Um zu überleben, musste er
sich selbst wert sein und in diesem Land
die Leute kennenlernen
Es war kein Weg für ihn geplant
Niemand hat etwas von ihm erwartet
Bald begann er sein eigenes Geschäft
Er wurde reich an der Dummheit
und dem Selbstinteresse der Regenten
Er kaufte überschüssige Ernten auf
und baute teure Scheunen
um die Nahrung zu schützen
vor Regen und Ungeziefer
Er war unverzichtbar, eine Autorität
die die Dynastie verstärkte
Seine Tochter wurde Königin
Gedicht 3774 Amsterdam, 2021-05-01 Jozef legt voorraden aan (Genesis 41) Handelaar Joeja werd adviseur van de farao's Thut-mosis IV (1397-1388 BCE) en Amen-hotep III (1388-1351 BCE). Hij was een immigrant in Egypte, woonachtig in Akhmim (Opper-Egypte) aan de Nijl, stroomafwaarts van de koningsstad. Gezien de schrijfwijze van zijn naam was hij waarschijnlijk dezelfde persoon als Jozef, die later als elfde zoon toegevoegd is aan de stamboom van Jakob. Joeja was getrouwd met Toeja (Anath), een Egyptische edelvrouw. Hun dochter Teje (geboren 1398 BCE) werd koningin in 1388, als vrouw van Amen-hotep III, en hun zoon Eje (geboren 1376) werd farao in 1323, als man van Ankh-es-en-Amon Bundel: Een Thuis Trefwoorden: Succes, Bijbel